Logo FVEN

REGISTER VAREND ERFGOED NEDERLAND

De Federatie Varend Erfgoed Nederland beheert het Register Varend Erfgoed Nederland.
Geschat wordt dat er zesduizend schepen tot dit erfgoed behoren.
Op dit moment zijn er drieduizend vaartuigen ingeschreven in het register.
U kunt op deze site zoeken naar ingeschreven vaartuigen.






Gevonden vaartuig:

De Jonge Jacob

identificatie

naam De Jonge Jacob
RVEN nr 1502
visserijnummer
zeilnummer
te boek gesteld 22926 B R 1996  
type skûtsje  
categorie vrachtschip  
eenheidsklasse  

vaartuig

 
lengte 16,67  
breedte 3,75  
diepgang 0,95  
kruiphoogte 2,2  
tonnage  
materiaal romp ijzer  
materiaal romp (spec.) staal  
bouwwijze romp geklonken  
seriematige bouw  
voortstuwing (oorspr.) zeil  
masthoogte 13,1  
soort tuig gaffeltuig  
materiaal zeil dacron  
oppervlakte zeil 53  
motortype Mercedes OM-617  
motorvermogen 80 pk  
motorbouwjaar 1999  
bouwjaar vaartuig 1912  
bouwperiode 1910-1920  

werfgegevens

 
werf v.d.Werff - Buitenstverlaat  
werfnaam  
plaats. provincie werf Drachten-BuitenstvallaatFr  
werf bijzonderheden Haicke Pyters van der Werff huurde in 1728 een "huys met schuythuys" in de Suyder-Drachten. Zijn vrouw zette na zijn overlijden het bedrijf voort en vestigde zich later met zoon Pyter Haickes aan de Noorderdwarsvaart. In 1795 nam de oudste zoon van Pyter, Haycke Pyters de helling over. Na zijn overlijden in 1813 zette zijn vrouw Sytske Minnes de werf voort. De kleinzoon van Sytske, Haiyke Pyters vestigde zich rond 1840 aan het Buitenst Vallaat. Rond die zelfde tijd liet een broer van Haiyke, Ate Pyters, een werf bouwen aan het begin van de Langewijk. In 1864 waren drie hellingen in Drachten; Haicke Pyters van der Werff aan het Buitenst Verlaat, zijn broer Ate Pyters aan de Langewijk en zijn zoon Pyter Haickes aan de Noorderdwarsvaart. Aan het Buitenst Vallaat nam Oebele Haickes de werf over van zijn vader Haicke Pyters. Een broer van Oebele, Pyter Haickes betrekt de oude helling aan de Noorderdwarsvaart. Voor zijn zoon Haike Pyters koopt hij van zijn oom de helling aan de Langewyk. Rond 1920 gaat het oudste hellinkje aan de Noorderdwarsvaart falliet. De andere werven schakelen over op jachtbouw en reparatie. In 1956 wordt de dwarsvaart gedempt en stopt de werf aan de Langewijk. Op de werf aan het Buitenst Vallaat schakelt Jan Oebeles van der Werff, achterkleinzoon van Oebele Haickes over op jachtverhuur en reparatie  

historie vaartuig

 
vorige namen 1912- 1919 Jonge Jacob H. Keidel Boornbergum 1919-1939 J. Bergsma Ter Horne 1970- 1984 Lytze Wiebe V.d. Schuit Heerenveen 1984- 1991 Jonge Jacob E.L.Zeegers Bussum 1991- heden Jonge Jacob - F. v Weelen Hindeloopen  
historie vaartuig 1502 Het skûtsje "DE JONGE JACOB" (30 ton; afmetingen 15.37 x 3.41 x 1.06 ) werd in 1912 gebouwd op de werf van "van der Werff" te Buitenstverlaat (Drachten, Friesland). Skûtsjes en tjalken werden vroeger als vrachtschip gebouwd met brede ronde voor- en achterstevens en een platte bodem. Hierdoor was het mogelijk in ondiep water te varen, zoveel mogelijk onder zeil. Een motor hadden deze schepen niet. Om het ontbreken van een kiel te compenseren werd aan beide kanten van het schip een "zijkiel" gehangen, zwaard genoemd, zodat het schip door de wind niet opzij werd geduwd. Als er niet gezeild kon worden, moest de schippersvrouw of de kinderen aan een lijn langs de walkant lopen om het schip vooruit te trekken (dit werd "jagen" genoemd, lopen over het jaagpad langs de oever). Tot het eind van de 19e eeuw werden tjalken en skûtsjes van hout gemaakt; rond 1880 begon men met de bouw van ijzeren schepen. De ijzeren platen, waarvan het schip gemaakt werd, werden met klinknagels aan elkaar geklonken. Het Friese skûtsje was een kleine tjalk, speciaal gebouwd voor het varen op de Friese binnenwateren. Het schip "De Jonge Jacob" heeft van 1912 tot 1971 als vrachtschip door Friesland gevaren, met modder van afgegraven terpen en met potten en pannen (negotie). De schipper woonde met vrouw en vele kinderen in de kleine roef. De kinderen werden met de potten en pannen op de wal gezet om deze te verkopen in de dorpen; aan het eind van de dag werden ze dan weer aan boord genomen. Het was een hard bestaan. In 1971 werd het schip tot (plezier)jacht omgebouwd door een garagehouder, die door de toenmalige oliecrisis geen werk had. De luiken werden van het vrachtgedeelte afgehaald en er werd een kajuit op geplaatst. Ook plaatste hij er een motor in (van een vrachtwagen). Sindsdien vaart het skûtsje als luxe (zeil)jacht en is comfortabel ingericht, voorzien van alle noodzakelijke veiligheidsmiddelen. F.H.van Weelden uit Hindeloopen, kocht het schip in 1991 en heeft er vele (technische) verbeteringen op aangebracht. Het zeil-vaar-gebied is geheel Nederland, inclusief het IJsselmeer en de Wadden, terwijl ook tochten zijn gemaakt in België en Noord Frankrijk. In 2007 verkocht aan eigenaar in Frankrijk.  
oorspronkelijk vaargebied Friesland  
oorspronkelijk gebruik vrachtvaart  
funktie wijziging(en)  
oorspronkelijk uiterlijk  
historie interieur deels (voorpiek)  
jaar uitgebruikname  
huidig gebruik pleziervaart  
vertrokken naar Luxemburg/Engeland  
jaar vertrek 2007  

was aangesloten bij

 
behoudsorganisatie (BO) geen lid org.  
inschrijvings nr. BO  
link naar site vaartuig BO  

meer informatie

 
link naar site vaartuig  
link naar Wikipedia  
link naar Wikimedia Commons